Lees verder
Langzaam maar zeker komen er steeds meer (deels) biobased producten op de speelgoedmarkt. Voor de peuters en kleuters speelt gezondheid een belangrijke rol. Ook kijken bedrijven, met Lego als van de front runners, meer naar circulaire concepten, met een speciale aandacht voor hernieuwbare grondstoffen.
Lucien Joppen

Vorig jaar kondigde Lego aan dat het minimaal 135 miljoen euro uit zal trekken voor onderzoek naar hernieuwbare materialen voor haar speelgoed en de verpakkingen. De Deense speelgoedreus, met een jaaromzet van 4,8 miljard euro (2015), is een van de grootste spelers in een behoorlijk gefragmenteerde sector waarin wereldwijd een slordige 160 miljard dollar (bron: Euromonitor, 2015) in omgaat. Lego wordt met name gedreven door milieu-overwegingen. ‘Het is onze ambitie om in 2030 uitsluitend duurzame materialen te gebruiken’, aldus Jørgen Vig Knudstorp, CEO van de Lego Group. ‘We hebben al stappen ondernomen op gebied van duurzame energie (wind farms, red.) en FSC-verpakkingsmaterialen, nu gaan we onze aandacht richten op de materialen van onze producten.’

Perfect fit

Momenteel maakt Lego haar basismateriaal, de wereldberoemde Lego-blokjes, van ABS (acrylonitril-butadieen-styreen). Per jaar worden wereldwijd maar liefst 20 miljard van deze steentjes geproduceerd. Nu is ABS van fossiele oorsprong, maar het materiaal heeft wel zo haar voordelen. Lego tolereert slechts minimale afwijkingen (tot 0,002 millimeter), waardoor Lego-steentjes perfect op elkaar aansluiten. Dat geldt vanzelfsprekend niet alleen voor de steentjes anno 2016, maar voor hele generatie Lego-blokjes, tot aan de ‘lichting’ van 1958. ABS heeft relatief weinig kruip (blijvende vervorming als gevolg van trek-, buig en/of drukkracht) en het is licht, maar wel hard en slagvast. Een ander, niet onbelangrijk voordeel is dat ABS relatief goedkoop is.

‘Lego-blokjes worden gemaakt van de hoogste kwaliteit plastics’, aldus een Lego-woordvoerder tegen Agro&Chemie. ‘De functionele eigenschappen zijn goed en het heeft een lange levensduur. Echter, deze materialen zijn gebaseerd op schaarse hulpbronnen en we geloven dat we beter kunnen: hernieuwbare grondstoffen en een geringere milieu-footprint.’

Getest met PLA

De vraag is dan: op welke hernieuwbare plastics zal Lego haar pijlen gaan richten? Vooralsnog houden de Denen zich op de vlakte. Duidelijk is wel dat het, samen met het WWF, criteria heeft ontwikkeld op grond waarvan het de duurzaamheid van materialen kan bepalen, van sourcing tot end-of-life.

‘We staan pas aan het begin van het traject. Er zijn in ieder geval meer dan voldoende uitdagingen. De materialen zullen in ieder geval duurzamer moeten zijn dan fossiele plastics. Daarnaast zullen deze, qua functionaliteiten (kwaliteit, veiligheid etc., red.), vergelijkbaar moeten zijn met datgene wat we nu hebben.’

Het is overigens maar de vraag of Lego, gezien de complexe uitdaging, uiteindelijk uit zal komen bij 100 procent hernieuwbare materialen. ‘We zullen verschillende blends onderzoeken, waarin bioplastics een rol kunnen spelen.’

In een artikel uit Wired (2015) blijkt dat Lego al getest heeft met een “impact modified” PLA, waarbij bleek dat het materiaal zeer dicht in de buurt kwam van ABS. Echter, na een aantal weken begon het materiaal te vervormen, aldus de auteur van het artikel. Kortom, het is niet een eenvoudige fix, vandaar dat Lego het punt op de horizon heeft gezet op 2030.

Recycling is overigens geen optie voor het bedrijf of elke andere speelgoedfabrikant, dit vanwege de strenge veiligheidseisen in deze branche. Wel zijn inmiddels zogenaamde re-use-sites opgezet, waar consumenten hun Lego-speelgoed kunnen verkopen aan derden.

Biobased babyspeeltjes

Lego kijkt met name door de milieubril naar de kunststoffen die het inzet voor haar producten. Er zijn ook bedrijven die hun producten positioneren als kindvriendelijke alternatieven voor fossiele plastics, en dan vooral de plastics met bepaalde additieven, zoals weekmakers.

In 2014 heeft Bioserie de eerste generatie Toys for babies “Made of Plants” gelanceerd. Het bedrijf, met het hoofdkantoor in Hong Kong, heeft maar liefst drie jaar aan de lijn gewerkt, waarbij het Ingeo (PLA, afkomstig van NatureWorks, red.) combineert met een “zelf ontwikkelde blend van biobased components”.

Volgens Bioserie hebben de speeltjes geen “mogelijk toxische bestanddelen die aanwezig kunnen zijn in fossiele plastics”. ‘De meeste speeltjes zijn op basis van fossiele plastics’, aldus Stephanie Trau, mede-oprichter van Bioserie. ‘Ouders kunnen moeilijk inschatten of deze mogelijk schadelijke bestanddelen, als zware metalen, ftalaten of Bisfenol A, bevatten. De informatie op de verpakking is vaak inadequaat of te technisch voor de doorsnee consument. Met onze producten krijgen ze een garantie dat deze stoffen er in ieder geval niet in zitten.’

PHA in modellen

Zit Lego nog te dubben over welk materiaal, of beter gezegd welke combinatie van materialen, het zal kiezen, heeft Italeri al een keuze gemaakt. De Italiaanse producent van modellen (auto’s, vliegtuigen, tanks et cetera) gaat, samen met de fabrikant Bio-on, een PHA-blend gebruiken voor bepaalde schaalmodellen. Met het zogenaamde Minerv PHA Supertoys Project willen beide bedrijven aantonen dat ze speelgoed kunnen ontwikkelen dat milieuvriendelijk is, zonder dat op esthetiek en de functionaliteit(en) wordt ingeboet. ‘De producten van Italeri zijn zeer complex om te maken’, aldus Marco Astorri, directeur van Bio-on. ‘De tolerantie is minimaal en als we deze kwaliteit kunnen halen, dan komen ook de andere (speelgoed)artikelen binnen ons bereik.’

Uit het Supertoys-project zullen twee verschillende PHA-blends moeten komen: een type ‘R’, rigide en sterk, en een type ‘F’, flexibel en buigbaar. Eind 2017 is de verwachte introductie.

ABS verbiobaseerd

Tot 1963 produceerde Lego haar blokjes uit cellulose acetate. Daarna kwam ABS in beeld, een stabielere plastic waarvan het bedrijf nu al meer dan 50 jaar gebruik maakt. Het illustreert ook dat de lat voor een vervangende plastic hoog ligt.

Een optie is een alternatieve plastic(blend), een andere optie is de verbiobasering van ABS. Er zijn al verschillende initiatieven die gericht zijn op bio-butadieen, bijvoorbeeld ENI en Novamont of LanzaTech met Invista. De biobenzeenroute wordt onder meer onderzocht door Anellotech en verschillende bedrijven en kennisinstellingen zijn bezig met biobased feedstocks voor acrylonitril, waaronder glutaminezuur.

Ecodesign

Materiaalkeuze is een belangrijke factor in Lego’s verduurzamingsmissie. Het merendeel van de onderdelen die het bedrijf produceert, zijn op basis van een monomateriaal (ABS). Er zijn in de loop der jaren ook andere materialen het Lego-assortiment ‘ingeslopen’. Zo had het Duplo-chassis metalen assen voor de wielen. Inmiddels is het design zodanig verbeterd dat de wielen in het chassis kunnen worden geklikt. Dus geen metalen assen meer nodig. Daarmee is het, volgens Lego, niet alleen goedkoper om te produceren (minder stappen, red.), het heeft ook nog eens geringere milieu-impact.

Playmobil-panda

Geobra Brandstätter, de producent van Playmobil, is nog steeds aan het experimenteren met plastics op basis van hernieuwbare grondstoffen, aldus een woordvoerder van de Duitse familie-onderneming. Een eerste biobased vingeroefening heeft Geobra wel al gedaan. In 2013 maakte het voor WWF Duitsland een biobased plastic sleutelring met de bekende panda, het logo van het World Wildlife Fund. ‘Het zal zeer moeilijk worden om alle fossiele plastics in het Playmobil-assortiment te vervangen door biobased pendanten’, aldus een woordvoerder tegen Agro&Chemie. ‘Dat is momenteel nog geen haalbare kaart, gezien de gevraagde functionaliteiten.’